Castanje vermogensbeheer

De naam Castanje vermogensbeheer bestaat sinds 2009, maar onze relaties met onze klanten zijn vaak veel ouder. Franke Burink en Joris Teulings werken al sinds 2000 samen, eerder bij Teulings Van der Hoeven Van Beuningen Vermogensbeheer en Vincent Hoffmans bediende zijn klanten via Final Trust, dat in 2013 tot de Castanje vermogensbeheer groep toetrad. Vragen? Bel Castanje vermogensbeheer op 073 - 30 30 260 of mail naar info@castanje.nl

Pandemie Covid-19 (Corona)

The Black Swan

Naast de ongekende vooruitgang die globalisering ons de laatste tientallen jaren heeft gebracht, maken we nu kennis met de andere kant van dit fenomeen. Een nieuw virus maakt ons zonder medelijden duidelijk dat een autobouwer in Duitsland vastloopt als dat ene –op zich minder belangrijke- onderdeel uit China niet geleverd kan worden. Zo leidt een zeer eenvoudig overdraagbaar virus tot een enorme verstoring en ontwrichting in internationale productieketens en daarmee in de aanbodkant van de economie.

Pogingen de verspreiding van het virus te vertragen leiden daarnaast tot forse haperingen aan de vraagkant van de economie. Hotelboekingen, internationale vluchten, vakanties, (grote) publieke evenementen vallen stil of worden uitgesteld. Scholen en winkels worden gesloten. Voorzichtigheid, angst en thuisblijfadviezen versterken de economische effecten van dit virus.

In China, Zuid-Korea en Singapore is de uitbraak van nieuwe Corona-gevallen inmiddels grotendeels tot staan gebracht. In deze landen is eerder ervaring opgedaan met SARS en MERS, ligt ‘awareness’ op een hoog niveau waardoor zeer snel en effectief werd ingegrepen. Hoe anders is dit in andere delen van de wereld.

 

Met het wereldwijd grotendeels stilleggen van economieën wordt de verspreiding van Covid-19 vertraagd. Hiermee wordt overbelasting van de gezondheidszorg beperkt en wordt tijd gewonnen om een effectief vaccin te ontwikkelen.

Wij denken dat de economische effecten van dit virus sterker zijn dan aanvankelijk werd aangenomen. De internationale economie staat zeer sterk onder druk. Economen verwachten een krimp van de economie in het tweede kwartaal van 25% tot maar liefst 50%.

In het vierde kwartaal van dit jaar wordt een herstel verwacht en in 2021 een hervatting van de economische groei onder invloed van zeer forse inhaaleffecten. Ook winstgevendheid van bedrijven staat fors onder druk maar kan in 2021 weer herstellen.

Wij zien de effecten van Covid-19 als een tijdelijk verschijnsel. Pogingen om een vaccin te ontwikkelen zullen succesvol zijn. Overheden en centrale banken wereldwijd halen alles uit de kast om de economie te steunen. Misschien ook dat het warmere zomerweer een handje helpt. De verspreiding van Covid-19 zal langzaam tot staan worden gebracht. Het aantal nieuwe besmettingen zal afnemen. Zodra dit zichtbaar wordt zullen aandelenmarkten gaan vooruitlopen op betere tijden.

 

Beleggers worden daarbij opnieuw geconfronteerd met een tekort aan beleggingsmogelijkheden. Obligaties met rendementen van nul procent zijn nauwelijks interessant. Aandelen van sterke en grote ondernemingen vormen een alternatief. Koersen kunnen daarom onverwacht snel en sterk opveren.

Wij zijn voornemens aandelenbeleggingen voorzichtig wat uit te breiden de komende periode. Castanje zal zich daarbij richten op grote ondernemingen die structurele groei vertonen en over voldoende weerstands-en herstelvermogen beschikken.
Tot het zover is, is het belangrijk vast te houden aan uw beleggingsplan en horizon en de emotie zoveel als mogelijk uit te schakelen.

De complottheorie

De Covid-19-epidemie begon in Wuhan, de hoofdstad van de Chinese provincie Hubei. China’s enige BSL-4 (hoogst beveiligde) virus-laboratorium bevindt zich net buiten Wuhan. In dit in 2015 gebouwde BioSafety Level-4 lab wordt onderzoek gedaan naar ziekteverwekkers zoals SARS en Ebola.

Volgens complottheorieën zou het huidige Corona-virus een door China ontwikkeld biologisch wapen zijn dat vanuit dit lab ontsnapte. Medewerkers zouden met Corona-besmette proefdieren op de verderop gelegen Huanan-markt in Wuhan hebben verkocht. Eerder (eind 2003) ontsnapte het SARS-virus uit een Chinees lab.

Amerikaanse onderzoekers bestudeerden het genetisch materiaal van het nieuwe Coronavirus. De studie verscheen in het befaamde tijdschrift Nature Medicine en komt tot de conclusie dat het nieuwe virus niet kunstmatig aangemaakt werd in een laboratorium.

Wij verwijzen deze complottheorieën naar het rijk der fabelen. Een nadere analyse treft u aan in een artikel in de New York Post geschreven door Steven W.Mosher op 22 februari 2020.

Beleggen in olie?

Beleggen in olieaandelen levert de laatste jaren geen overtuigende rendementen op. Bij winning en verbranding van olie komen CO2 en andere broeikasgassen vrij die bijdragen aan de opwarming van de aarde. Door steeds meer beleggers worden oliemaatschappijen in de ban gedaan.
Andere vormen van energie gaan steeds meer concurreren met fossiele brandstoffen. Onder andere elektriciteit is daarbij een factor van belang. Dit betreft auto’s, industriele processen, verwarming van huizen en zo voort. Op termijn zal de prijs van elektriciteit verder af kunnen nemen door telkens lagere productiekosten van zonnepanelen en windturbines.

Deze ontwikkelingen hebben geleid tot een afnemende interesse van beleggers in olieaandelen. Dit blijkt uit de tegenwoordig lagere waarderingen van deze aandelen. De vraag is echter of alternatieve energie voldoende snel en substantieel opkomt om fossiele brandstoffen uit te bannen. Temeer daar kernenergie omstreden is.

Bij een voortgaande groei en ontwikkeling van de wereld zal de vraag naar fossiele brandstoffen vooralsnog fors blijven zo verwachten wij. Gezien de thans matige waarderingen en hoge dividendrendementen houden wij voorlopig vast aan een belang in olieaandelen zij het op een meer beperkte schaal dan vroeger het geval was. Het huidig lage niveau van de olieprijzen achten wij tijdelijk van aard.

Onze AEX-index

De AEX Index is zoals u weet de belangrijkste Nederlandse beursindex. De index geeft het beeld weer van de koersontwikkeling van de 25 aandelen met de grootste marktkapitalisatie op de Amsterdamse effectenbeurs. Een aandeel mag niet zwaarder wegen dan 15% in de AEX om te voorkomen dat een fonds een te grote invloed heeft op de stand van de titale index. Eens per jaar wordt de index opnieuw gebalanceerd. Dit jaar gebeurde dat op 23 maart.

Voor het eerst zal ASML het zwaarst wegen in de AEX en gemaximeerd worden op 15%. Unilever komt daarna met een gewicht van ongeveer 13%. De derde plaats is voor Royal Dutch Shell PLC met een gewicht van ca. 12%. Hierbij speelt een rol dat de aandelen genoteerd op de beurs in Londen buiten beschouwing worden gelaten. Door de forse koersdaling van aandelen Shell, daalde de weging in de index op 20 maart naar ca 7%.

Indexbeleggers en ook veel grote beleggers stellen hun portefeuille samen rekening houdend met de samenstelling van de AEX (en natuurlijk andere indices). Dit betekent dat professionele beleggers hun bezit in Kon.Olie en ASML aanpassen aan de hand van de koersschommelingen van deze aandelen. Aalberst en Vopak hebben op 23 maart plaats gemaakt voor ASMI en Just Eat Takeaway.

Rekenrente

Het is u misschien ontgaan maar de afgelopen periode is het onderwerp ‘aanpassen rekenrente’ (lees loslaten) opnieuw geagendeerd. Met de rekenrente bepalen pensioenfondsen hoeveel geld ze in kas moeten hebben om alle pensioenen uit te keren. Nu en in de toekomst. Alhoewel hier recent in de financiele pers niet veel aandacht aan werd besteed is dit een zeer belangrijk onderwerp. Op termijn kan een andere benadering van de rekenrente een game-changer zijn in de pensioenwereld. Vooralsnog is niet duidelijk waar het heen zal gaan. Wij houden u op de hoogte.

Brexit

De onderhandelingen zijn recent begonnen. Van beide kanten wordt een harde lijn gekozen. Dat is overigens niet onverwacht. De Briste premier Johnson streeft naar een soeverein Verenigd Koninkrijk zonder vrij verkeer en met beperkte harmonisering van regels maar wel zonder importtarieven. Voor de Europese Unie is dat krenten uit de pap halen. Brexit zal ongetwijfeld wederom de voorpagina van de kranten halen.

Castanje Vermogensbeheer

Afgelopen maand is Castanje in gesprek getreden met een andere vermogensbeheerder met als doel tot een duurzame samenwerking te komen.
De vermogensbeheerder waarmee wij in gesprek zijn is qua werkwijze, clientenkring, beleggingsbeleid, stijl en sfeer vergelijkbaar met Castanje.
Ons streven is met een andere onafhankelijke vermogensbeheerder een structureel samenwerkingsverband aan te gaan waardoor Castanje haar basis verder versterkt, verbreed en verjongt. Dit komt de kwaliteit en continuiteit van onze dienstverlening aan u, ten goede.
Wij houden u van de voortgang op de hoogte.

Clientafspraken

De komende periode tot aan juni, zullen wij afspraken en overleg telefonisch voeren.
Persoonlijke afspraken worden hervat zodra de omstandigheden rondom Corona dat verantwoord toelaten.

Stelt u prijs op een nadere toelichting dan vernemen wij dat graag van u.

Met vriendelijke groet,
Castanje Vermogensbeheer

 

Weet je nog, 2019?

In het afgelopen beursjaar bleven de beleggers tot in het laatste kwartaal optimistisch. Aandelen-indices boekten record op record. Het lijkt bijna onmogelijk dat deze euforie zich in 2020 zal herhalen. Er zijn enkele voorspellers die voor het hele komende decennium alleen maar magere resultaten voorzien. Voor de volgende generaties zou 2019 dan wel eens een mijlpaal kunnen worden, zoals bijvoorbeeld de financiële crisis van 2008.

Aan de andere kant: er zijn maar weinig goeroes die “hel en verdoemenis” voorspellen en beleggers aanraden zich in een veilige bunker te verbergen. Een redelijk beursjaar is dus zeker mogelijk.

Wat dreef de koersen op?

De Amerikaanse Federal Reserve besloot eind 2018 haar beleid van monetaire verkrapping om te gooien. Na vier renteverhogingen volgden er in 2019 drie renteverlagingen. Wat tegenvallende economische ontwikkelingen, met name in de verwerkende industrie lokten dit uit. De handelsoorlog met China en de Brexit knaagden aan het ondernemersvertrouwen.

Zoals min of meer gebruikelijk volgde de Europese ECB met enige vertraging deze beleidsdraai. In de eurozone ging de depositorente voor overtollige liquiditeiten van de banken verder omlaag en er werd weer een obligatie-opkoopprogramma gestart.

Wat is het effect geweest; op de beurzen en op de reële economie?
De aandelenkoersen zijn onmiskenbaar gestegen: de MSCI-Europa +22% en bijvoorbeeld de HangSeng (HongKong) +9%.  Maar als we bijvoorbeeld de brede Amerikaanse index S&P 500 gaan uitpluizen, dan is van de performance van 29% in 2019 circa 23% te danken aan een hogere waardering van aandelen (koers/winst-verhouding), ca. 4% aan de groei van de winst per aandeel en 2% aan dividend.

De groei van de winst per aandeel reflecteert de groei van de reële economie (het BBP van de V.S. steeg in 2019 met 2,2%). Maar dit cijfer wordt geflatteerd door buybacks (dat is de inkoop van eigen aandelen door beursgenoteerde ondernemingen) en door belastingverlagingen van de regering Trump. Daarbij kwam de bulk van de stijging op conto van de grootste techbedrijven. In het derde kwartaal van 2019 daalde de winst per aandeel met 1%, voor het eerst sinds 2016.
Al met al lijken de aandelenkoersen opgestuwd te zijn door de lage rentestanden wereldwijd, waarbij natuurlijk het gebrek aan beleggingsalternatieven een grote rol speelt.

Ook in Europa zijn de waarderingen omhoog gegaan, maar niet zo ver als in de Verenigde Staten. Ondanks de stijgingen bij ons, is Europa zelfs “goedkoop” te noemen ten opzichte van de V.S. Wel is het zo dat In Europa  de winst per aandeel voor beursgenoteerde aandelen in 2019 iets daalde.
Het V.K. (+12%), Hong Kong (+8%) en Japan (+18%) waren landen die vorig jaar met koersstijgingen achterbleven.

Ken je het verhaal van de recessie die zou komen …

…  nou, die kwam niet. De helft van de financiële topmanagers in de V.S. verwachtte aan het eind van 2018 een recessie in 2019. In Europa waren de verwachtingen niet veel beter. Het lage rentebeleid heeft er zeker aan bijgedragen om een negatieve groei te vermijden.

Bron: ABN AMRO Bank

Voor dit jaar verwachten wij een positieve groei, maar niet al te uitbundig. Pas in 2021 zou de groei weer ietsje kunnen versnellen.

Na zoveel jaren ruim monetair beleid komen ook de nadelen hiervan steeds nadrukkelijker voor het voetlicht. In Nederland bijvoorbeeld bij de pensioenproblematiek door de lage rekenrente. Internationaal gezien hebben veel bedrijven zich met een grote (goedkope) schuld opgezadeld, vaak om eigen aandelen in te kopen of dure overnames te doen. Bij een echte stijging van de rente zullen er al snel bedrijven om kunnen vallen.

De nieuwe ECB-president, Christine Lagarde, heeft samen met andere monetaire leiders verklaard dat niet langer op de centrale banken mag worden gerekend om de scherven in de economie op te rapen. De beurt is nu aan de overheden om met het budgettaire beleid aan de slag te gaan. Alleen … er zijn niet zoveel landen die zich uit de problemen kunnen besteden. In Europa hebben Duitsland en Nederland overschotten, maar veel andere landen kunnen zich weinig veroorloven. Ook de V.S. hebben voor vredestijd relatief hoog tekort van 4,5% van het BBP, maar Donald Trump zal zich hier in een verkiezingsjaar weinig aan gelegen laten liggen als de nood aan de man komt.

De meest recente cijfers bevestigen het beeld van een matig groeiende wereldeconomie. De verwerkende industrie heeft het nog moeilijk, maar is het dieptepunt gepasseerd. Kortom, no recession, but election. Buiten de groep van industrielanden zijn de groeivooruitzichten beter, in Zuidoost-Azië, maar ook in Brazilië kan 2020 goed uitpakken.

Vooruitschuiven

De grote thema’s van 2019 zijn niet echt opgelost, maar doorgeschoven naar dit jaar. De Brexit-deal moet binnen het jaar worden afgerond: “onmogelijk” zeggen de experts. Handelsakkoord deel 2 met China: nog veel moeilijker. En gaat Trump nu ook Europa aanpakken? En wat te denken van een escalatie in het Midden Oosten met gevolgen voor de oliemarkt?
Niet-economische thema’s zoals het klimaat, krijgen hopelijk ook op wereldniveau de aandacht die zij verdienen.


Intermezzo

Nederland drijft mee

Onze tekenaar heeft dit kwartaal de demonstraties op het Malieveld tot onderwerp gekozen. Dit trekt veel aandacht, maar de gang van de economie wordt toch vooral door het buitenland bepaald. De internationale handelsperikelen en het Europese rentebeleid zijn richtinggevend voor de echte economie en voor de beurzen. Door de stikstof- en PFAS-crisis wordt de groei bij ons wel gedrukt en gaan we meer in lijn met de eurozone lopen. Niettemin kan de koopkracht 2% stijgen (1% in 2019).


Samenvattend wordt 2020 een economisch kwakkeljaar met geringe kans op uitschieters naar boven en beneden.
Geldt dat ook voor de aandelenbeurzen? Hierboven opperden wij dat het niet waarschijnlijk lijkt dat de prestaties van 2019 worden herhaald. Maar er zijn afwijkende meningen, Fondshuis Fidelity voorziet zelfs een beter jaar. Zij wijst op de aandeleninkoop en de overnames en fusies waardoor wereldwijd het aantal aandelen sterk terugloopt. In de jacht op zoek naar rendement kunnen koersen van aandelen verder oplopen. Het verwachte dividendrendement voor bijvoorbeeld Europese aandelen ligt nog altijd ruim boven 3,5%. De (Europese) koerswinstverhouding voor 2020 ligt op net iets boven de 14. Voor de Emerging Markets ligt de ‘P/E’ voor 2020 op ‘slechts’ 10,6. Afgezet tegen een rente van 0% oogt dat aantrekkelijk.

Een negatieve schok zou door het rentebeleid van de ECB kunnen worden veroorzaakt. Lidstaten als Duitsland en Nederland willen een normalisatie van het beleid met positieve rentes. De Zweedse Riksbank was onlangs de eerste centrale bank die na vijf negatieve jaren de beleidsrente weer op 0% bracht. In de eurozone zal dit niet gauw gebeuren: de inflatie blijft met 1,6% onder de 2%-doelstelling hangen. Doorgaan met het huidige beleid ligt voor de hand. Maar Christine Lagarde wil het beleid evalueren. In de tweede helft van 2020 kan er dan mogelijk iets veranderen. In de V.S. loopt de inflatie mogelijk op en wordt de Fed tot matige actie aangezet. Samengevat verwachten wij geen ingrijpende wijzigingen aan het rentefront.

In het laatste kwart van 2019 liep de lange rente op dankzij positief handelsnieuws en een wat beter sentiment. In onze blog Gaat het tij keren? zijn we hierop in gegaan. De lange rente (10-jaars Nederlandse staat) zal naar onze verwachting rond de nul procent blijven hangen.

Vanuit het huidige zeer lage niveau van de kapitaalmarktrente zit er voor de vastrentende belegger niet veel in het vat: de couponvergoeding op nieuw uit te geven obligaties is minimaal en er lijken geen koerswinsten te verwachten. Voor ons reden looptijden bij belegging in obligaties erg kort te houden.  Daarnaast blijft kwaliteit van de debiteur belangrijk. Wij zullen ons niet laten verleiden tot het nemen van onevenredig grote risico’s teneinde een fractioneel hoger rendement te behalen. Obligaties zijn immers het meer stabiele en veilige gedeelte van uw portefeuille.

De EUR/USD-koers zal het sentiment rond de rente volgen. Grote bewegingen zijn niet te verwachten vanaf de huidige koers van $ 1,11.  Het Britse pond zal het hele jaar meedeinen met de nieuwe Brexit-onderhandelingen. Vuurwerk komt er pas als de december-deadline in zicht is.

Wij wensen al onze lezers een gezond en voorspoedig 2020!

Wat als het VK en de VS linksaf slaan?

De verkiezingen vandaag (12/12) in het Verenigd Koninkrijk staan vooral in het teken van de Brexit. Maar bij een overtuigende overwinning van Labour komen heel andere onderwerpen op de voorgrond te staan: de socialistische dromen van Jeremy Corbyn gaan dan in beleid worden omgezet.

En over minder dan een jaar gaan ook de Amerikanen naar de stembus: Donald Trump (als hij het volhoudt) tegenover één van de Democratische uitdagers. Daaronder enkele kandidaten met een zeer links signatuur en ook een goede kans op winst.

Moeten beleggers rekening houden met een “slag naar links” en zich misschien al zorgen maken?

Jeremy’s plannen

Zo terughoudend als Labour leider Jeremy Corbyn zich opstelt tegenover Brexit, zo duidelijk is hij als het gaat om zijn economische plannen voor het Verenigd Koninkrijk. Hij wil de “regels van de economie herschrijven”.

De macht van de staat en van de vakbonden moet zwaar worden vergroot. Een sterkere overheid is het antwoord op de Britse problemen zoals Mr. Corbyn dit ziet: de hernieuwde nationalisatie van de nutsbedrijven (spoorwegen, water, energienet), een door de overheid georganiseerde farma-onderneming die goedkope medicijnen verschaft, een duurzame investeringscommissie met veel macht, enz.

Om de ongelijkheid in de samenleving te verminderen worden er voor £ 82,9 mrd aan nieuwe belastingen geheven vooral op de olie- en gassector, op effectentransacties, de hoogste inkomens, op tweede huizen, op erfenissen.

In de vele plannen van Labour worden verder de grote ondernemingen gedwongen 10% van hun aandelen in Inclusive Ownerships Funds te stoppen, die door de werknemers worden beheerd.

Een nieuwe regering die door Labour wordt geleid, zou een veel grotere impact hebben dan een ongecontroleerde Brexit en het land helemaal op zijn kop zetten. Bepaalde (beleggings)sectoren zouden uit het private domein verdwijnen en andere gedomineerd door overheidsregels.

De opiniepeilingen aan de vooravond van de verkiezingen wijzen op een ruime overwinning voor Tory-leider Boris Johnson. Maar wij weten ook dat de opiniepeilers in het V.K. er wel eens naast zitten.

Vrijdag weten wij meer.

Elizabeth heeft een plan

Onder de kandidaten die de Democratische nominatie voor het presidentschap van de Verenigde Staten in de wacht willen spelen, bevindt Elizabeth Warren zich, samen met Bernie Saunders, op de linkervleugel.

Mevrouw Warren, senator voor Massachusetts, heeft talloze gedetailleerde plannen voor de Amerikaanse economie. Net als Corbyn in het VK wil zij de ongelijkheid bestrijden en de macht weer in handen van het volk brengen, dus het afnemen van de corrupte politici in Washington. Als zij werkelijk de (kansrijke) uitdager van Donald Trump wordt, dan zullen de markten en investeerders erg nerveus worden.

Elizabeth Warren wil niet alleen de belastingverlagingen van Trump voor ondernemingen en de rijken terugdraaien, maar daar extra belastingen bovenop zetten. Bijvoorbeeld 7% extra op alle winsten boven de $ 100 mln. De top 2% van de verdieners (huishoudens) krijgt 15% extra voor de kiezen. Daarnaast komt er een vermogensbelasting oplopende tot 3% per jaar op vermogens boven de $ 1mrd.

De gezondheidszorg moet voor iedereen toegankelijk worden; de private health insurance (marktwaarde $ 530 mrd) zal verdwijnen. Private equity en big tech staan bij haar ook op de korrel. In grote bedrijven moet 40% van de commissariaatsplaatsen voor werknemers worden gereserveerd.

Deze en de vele andere plannen van Warren (https://elizabethwarren.com ) zijn ongekend voor de V.S. Tot voor kort werd zij tot één van de favorieten onder de Democraten gerekend. Maar sinds de bekendmaking van Mike Bloomberg, de New Yorkse miljardair en ex-burgemeester als kandidaat, is er aan rechterkant bij de Democraten een formidabele uitdager bijgekomen.

3 november 2020

Over minder dan 11 maanden zijn de verkiezingen in de Verenigde Staten. Een Republikein en een Democraat zullen om het presidentschap gaan strijden. Maar als de Democratische nominatie door Elizabeth Warren in de wacht wordt gesleept, dan moeten de Amerikanen niet alleen kiezen tussen twee personen, maar ook voor of tegen een heel andere ideologie.

Als het tegen die tijd zover komt, zullen de beurzen ons dat ongetwijfeld al hebben laten weten.

Castanje Vermogensbeheer
Franke J. Burink
12/12/2019

Gaat het tij keren?

De lage rente heeft allerlei vervelende bijeffecten. Met het einde van de handelsoorlog in zicht komt daar verandering in. Maar zet de trend door?

Al geruime tijd is sprake van een wereldwijde groeivertraging. De Amerikaans-Chinese handelsoorlog hakt er vooral in de industrie hard in. In de industrie is in veel regio’s – met name in Duitsland – al sprake van een recessie (twee opeenvolgende kwartalen negatieve groei). De sectoren die veel exporteren worden het zwaarst getroffen. Toch durft nog (bijna) niemand een krimp van het BBP voor de grote landen te voorspellen. Tussen 2018 en 2020 wordt ruwweg een halvering van de groei voorzien: in de V.S. van 2,9% naar 1,3%, in de eurozone van 1,9% naar 0,6%.

Die magere vooruitzichten hebben ook tot acties van de centrale banken geleid. De Amerikaanse Federal Reserve heeft haar beleid van normalisatie van de rentetarieven gestaakt en heeft dit jaar al driemaal de toonaangevende federal fundsrate verlaagd, het laatst vorige week. En ook in de eurozone is een nieuwe stimuleringsronde in gang gezet door scheidend ECB-president Draghi. Er worden zelfs weer overheidsobligaties door de Europese Centrale Bank opgekocht (Quantative Easing), zij het voor “slechts” € 20 mrd per maand.

Maar sinds begin september zien we iets opvallends. De lange rente is weer aan het stijgen. Het rendement op 10-jarige Nederlandse staatsleningen bereikte 16 augustus een dieptepunt van -0,584% en is sindsdien in razendsnel tempo gestegen tot -0,132% afgelopen vrijdag (zie grafiek bovenaan) , dit in lijn met de stijging in Duitsland.

Toegegeven … het is nog steeds een negatief percentage, maar de 0% komt in zicht. Menig pensioenbestuurder zal weer hoop vatten; zouden kortingen op de pensioenen kunnen worden vermeden … ?

Wat zit hierachter en mag deze opgaande rentelijn worden doorgetrokken?

Allereerst stevenen Amerika en China nu af op een eerste interim-handelsakkoord. Zover is het nog niet en elke nieuwe dag kan een nieuwe Trump-tweet opleveren die de hoop op een overeenkomst weer doet verzwakken. Maar dat is ons inziens onderdeel van de handelstactiek van de president. In onze kwartaalbrief “De wereld is een Trumpoline” hebben wij beweerd dat beide partijen er belang bij hebben nu tot een akkoord te komen, maar zonder gezichtsverlies te lijden.

Een interim-overeenkomst is slechts een eerste stap. Maar de markten zijn optimistisch en verwachten dat de rest van de handelsobstakels ook uit de weg kunnen worden geruimd. En inderdaad, zoals hierboven uiteengezet, zijn de gevolgen van de handelsoorlog tot nu toe voor de wereldgroei ingrijpend geweest, dus een einde aan het conflict zou economisch enorm goed uitpakken. Het gaat ons te ver om te denken dat in de vervolgafspraken heikele zaken zoals intellectueel eigendom en de economische inrichting van de Chinese maatschappij wel eventjes zullen worden geregeld. Kortom wij zijn veel somberder gestemd over deel 2 van de onderhandelingen.

In de tweede plaats weet de conjunctuur “van zich zelf” weer wat aan te trekken. Volgens de Purchasing Managers Index-indicatoren lag de bodem van de industriële activiteiten in juli j.l. en er zijn sindsdien groene loten opgemerkt, afgewisseld met negatieve indicatoren. Ondertussen blijven de indicatoren die het vertrouwen van consumenten en ondernemers meten zwak. Investeringen trekken ook nog niet aan. Het nieuwe uitstel van de Brexit brengt weer nieuwe hoop dat een No-deal-exit kan worden vermeden.

In de derde plaats bestaat er hoop dat ook overheden nu hun steentje gaan bijdragen aan het conjunctureel bestel. Christine Lagarde, de nieuwe ECB-baas, is niet de eerste die aandringt op hogere overheidsuitgaven door Europese overschotlanden (Duitsland, Nederland). China is al eerder begonnen de economie te stimuleren, maar dit heeft lang niet zo’n grote omvang als na de financiële crisis en is veel meer binnenlands gericht. En de V.S.? Die zitten al op een recordbegrotingstekort voor vredestijd, dat in 2020 verder oploopt; de groeibevorderende effecten lijken gering.

Verdere rentestijging?

Naar onze inschatting hebben de obligatiemarkten een optimistisch voorschot genomen op betere tijden, waarbij met name een volledig einde aan de handelsoorlog wordt ingeprijsd. Dat lijkt te voorbarig. Economisch gezien vertraagt misschien de verzwakking, maar van een groeispurt is zeker nog geen sprake. Ook de inflatiecijfers blijven heel gematigd. En zelfs als overheden meer hun portemonnee gaan trekken zal het effect in eerste instante bescheiden zijn.

De forse rentestijging sinds augustus richting nul procent en hoger heeft het meeste al achter de rug. Uitblijven van een handelsdeal zou zelfs weer tot een terugval kunnen leiden. Mochten echter de handelsgesprekken en het vervolg tot een euforische stemming leiden – hetgeen wij niet verwachten – dan kan de lange rente nog verder stijgen en zal ook een negatief effect op aandelen kunnen ontstaan.

Ondertussen blijft de korte rente, die door de Centrale Banken wordt gestuurd, laag en in de eurozone zelfs negatief (depositorente -0,5%). Het verschil met de lange rente (meer door de markten bepaald) is dus groter geworden.

Franke J. Burink
10/11/2019
Castanje Vermogensbeheer

De wereld is een Trumpoline

Ook in het derde kwartaal waren er weer meer dan genoeg politiek-economische ontwikkelingen die de aandacht vroegen van de belegger. De neiging bestaat om vooral de negatieve zijde van de gebeurtenissen te belichten en zo een te negatief beeld van de beleggingsomgeving te schetsen.
Ons inziens zijn er maar twee zaken echt van belang: de uitkomst van de handelsoorlog tussen de V.S. en China en de ontwikkeling van “de” rente. En deze twee beïnvloeden elkaar ook over en weer. Op basis van deze uitgangspunten zijn verscheidene scenario’s te construeren, maar – vooruitlopend op onze conclusie – lijkt ons een gunstige uitkomst het meest waarschijnlijk.

Wereldhandel is de crux

Sinds de eerste aankondiging in maart 2018 van importheffingen op Chinese goederen zijn er zeven nieuwe of hogere tariefaankondigingen bijgekomen. Met vertraging zijn de meeste ingevoerd (of worden in oktober geëffectueerd); er is nog geen enkele heffing ongedaan gemaakt. Andere regio’s worden ook meegezogen in deze handelsoorlog. Het vertrouwen van producenten – vooral in de maakindustrie – daalt gestaag, investeringen worden uitgesteld en de wereldhandel laat per saldo geen groei zien. In juli was er volgens de World Trade Monitor van het CPB een toename van 1,7% t.o.v. juni, maar -0,8% t.o.v. een jaar eerder. De dienstensector doet het nog goed, maar volgt in het algemeen met vertraging de industrie.

De economische vertraging is een wereldwijd fenomeen en treft ook Europa. Duitsland, de grootste economie wordt extra getroffen, meer dan Frankrijk, Spanje en Italië. De uitkomst van een survey van IHS Markit onder de inkoopmanagers in de Duitse industrie, die op 23 september werd gepubliceerd, gaf een scherpe daling aan: de index kwam op 41,4, waarbij 50 de grens is tussen groei en recessie.

In Duitsland speelt meer dan alleen de tragere invoer- en uitvoergroei, waarbij overigens de handel met Groot-Brittannië meer tegenvalt dan met China en de V.S. Binnenlands spelen de problemen in de auto-industrie ook een grote rol als gevolg van het dieselschandaal en nieuwe emissietest-procedures. De autofabrikanten hebben productie uitgesteld en de introductie van nieuwe modellen is vertraagd. Maar de inhaalslag komt eraan! Het moment lijkt niet ver meer weg dat de regering in Berlijn, net als in Nederland, de portemonnee gaat trekken om de economie budgettair te ondersteunen. Ook elders (China, India) wordt het begrotingsinstrument ingezet. Op de eerste dag van oktober bleek dat ook de Amerikaanse industrie nu de wind volop tegen heeft.

De consensusvoorspelling voorziet weliswaar in de belangrijkste economieën een vertraging van de groei in 2019 en 2020, maar nergens een negatieve groei. Hieraan ligt wel ten grondslag de gedachte dat president Trump de handelsoorlog niet volledig laat escaleren. Er zijn goede redenen om aan te nemen dat dat ook niet zo is, alhoewel de berichtgeving – per tweet – van dag tot dag kan wisselen. Met de verkiezingen in de tweede helft van 2020 voor de deur kan Trump wel een succes gebruiken. De achterban -bijvoorbeeld de Amerikaanse sojaboeren – begint al te morren. De regering in Beijing weet dit, heeft geen haast en wil zich niet laten vernederen, maar moet de economische pijn slikken.

Het gaat er dus om tot een akkoord te komen, waarbij geen van beide partijen gezichtsverlies lijdt. De Amerikaanse handelsovereenkomsten met Canada, Mexico, Korea en Japan laten zien dat dit vrij snel tot stand kan komen. Maar zo lang dit niet het geval is, zal de wereldeconomie op de trumpoline op en neer kaatsen.

Het rentedrama

Door de aanstaande kortingen op de pensioenuitkeringen is vooral in Nederland veel aandacht voor het rentebeleid van de ECB. De rekenrente die voor de dekkingsgraden van de fondsen van belang is wordt grotendeels bepaald door het niveau van de rente op de kapitaalmarkt en daarop heeft de Europese Centrale Bank weer invloed.

In anticipatie op slechtere tijden werd in september in Frankfurt besloten het monetaire verruimingsbeleid – Quantitative Easing – nieuw leven in te blazen, zij het op een lager pitje dan voorheen. Zo worden nu maandelijks voor € 20 mrd aan obligaties door de centrale bank opgekocht en is de strafrente voor excess-liquiditeiten die commerciële banken bij de ECB stallen verlaagd naar -0,5%. De commerciële banken kunnen deze “strafrente” echter deels ontlopen.

Door protesten van o.a. Klaas Knot, president van DNB, is de verruiming geen grote bazooka geworden. De vraag is ook of de doelstelling – verhogen van de inflatie naar 2% – nu wel wordt gehaald, terwijl het eerder met veel zwaardere maatregelen niet gelukte. Maar de rente op obligaties (“lange rente”) wordt maar gedeeltelijk “gemaakt” in Frankfurt. Minstens zo belangrijk zijn structurele ontwikkelingen als de vergrijzing, lage inflatie door mondiale concurrentie en het spaaroverschot (onderinvestering) in de wereld. Een recent onderzoek geeft aan dat zonder ECB-beleid de lange rente circa 0,8% hoger zou liggen. Het rendement op tienjarige staatsleningen in Nederland zou dan +0,4% zijn in plaats van -0,4%.

Inmiddels kent voor een bedrag van $ 17.000 mrd aan staatsobligaties wereldwijd een negatief rendement en ook voor spaargelden komt dat moment dichterbij. Toch lijkt de bodem bereikt. Hogere loonkosten en een versnelling van de geldhoeveelheid zouden in de V.S. de prijzen kunnen aanjagen en daarmee de rentedaling stoppen. In de V.S. is de 10-jaars rente 1,7%. De olieprijs heeft in 2019 alleen tijdelijk de inflatie opgedreven.
In Europa krijgt de ECB een nieuwe voorzitter, de Française Christine Lagarde, die wellicht meer oor heeft voor de bezwaren van de noordelijke landen.

Brexit en impeachement

Ook wij durven geen voorspelling te doen van de uitkomst van de Britse soap. Als het tot een no deal Brexit komt, zal vooral het Britse pond het slachtoffer worden.

In Washington zijn de democraten een afzettingsprocedure tegen Donald Trump begonnen. Omdat de Republikeinen de meerderheid in de Senaat hebben lijkt deze missie kansloos. Niettemin kan het de komende 12 maanden nog voor veel onrust zorgen. De ontwikkelingen op het gebied van de handelsoorlog en de rente zijn naar onze mening belangrijker.

Aandelenbeurzen

Het derde kwartaal was wederom positief voor de aandelenbeurzen. Af en toe brachten de berichten over het stokken van het handelsoverleg tussen de V.S. en China het vertrouwen aan het wankelen. Maar de lage rente joeg de beleggers op zoek naar rendement toch weer richting aandelen. In het derde kwartaal steeg de door ons gebruikte MSCI-index in Europa met 2,6% en in de V.S. met 5,6%. De Europese belegger werd extra gesteund door een dollar die 4,5% meer waard werd. De opkomende markten presteerden vlak (China!).

Niet alle sectoren deden het even goed. Zo daalden de vijf FAANG-aandelen – Facebook enz. – gemiddeld (ongewogen) met 4,5%. Veel belangstelling was er voor defensieve aandelen met een zgn. lage volatiliteit (beweeglijkheid), die bij een beurscorrectie goed stand zouden moeten houden, b.v. Nestlé, Unilever. Maar toen begin augustus het sentiment t.a.v. het rentebeleid tijdelijk leek om te keren, bleken deze low-volaandelen rentegevoelig.

Met spanning wordt uitgekeken naar de winstresultaten over het derde kwartaal: zal de invloed van de handelsoorlog al zichtbaar zijn in de cijfers? Europese aandelen zijn in het algemeen niet te duur en bij een dip staan er grote kapitalen gereed om op lagere niveau’s in te stappen.

Ons beleid blijft ongewijzigd met een neutrale weging voor aandelen en een goede spreiding.

Over de rente-verwachtingen is hierboven al genoeg gezegd. Voor nieuw geld dat in de obligatiesfeer moet worden belegd zijn het moeilijke tijden. Er zijn argumenten te geven om hogere renteniveau’s te verwachten, maar dat nog niet gebeuren in het laatste kwartaal van 2019.

Wilt u een toelichting, dan maken wij graag een afspraak met u.

Met vriendelijke groet,

Castanje Vermogensbeheer

Stabilisatie

“Don’t fight the FED”. Dit is een bekende mantra in de beleggingswereld. Ga als belegger niet tegen de richting van het monetaire beleid in, ook al suggereren de economische omstandigheden anders. De Centrale Bank wint het toch wel. Praktisch en in brede zin toegepast op de huidige situatie in de Verenigde Staten en Europa: nu Jerome Powell en Mario Draghi verklaard hebben het monetaire beleid ruim te houden en zo nodig verder te verruimen, zullen beurzen hiervan (voorlopig) kunnen profiteren.

In onze vorige kwartaalbrief spraken wij over slowbalization, de wereldwijde vertraging van de economische groei zonder dat dit in een negatieve groei (= recessie) zou uitmonden. Inmiddels lijken de economische omstandigheden te stabiliseren. Specifiek heeft de maakindustrie het moeilijk, waarbij de handelsoorlog een hoofdrol speelt.

De koptekening in onze vorige brief toonde ook hoe de kapitaalmarktrente door de bodem ging. Die trend is voortgezet. Bezitters van obligaties profiteerden hiervan.

Zwak en sterk beeld

Zoals altijd is de massa aan indicatoren voor de reële economie niet eenduidig. In grote lijnen zijn de arbeidsmarktcijfers sterk: de werkloosheid staat in V.S. op een dieptepunt (3,6%) en in Europa daalt het percentage gestaag (7,6%, het laagste niveau sinds augustus 2008). De lonen stijgen sneller dan de prijzen (Eurozone +2,5% loongroei), alhoewel belastingen de stijging van de koopkracht in de weg staan.

Ook de bouwsector en de dienstverlening doen het relatief goed. Echter, de dreigingen van de handelsoorlog spreiden hun tentakels al wel uit naar de maakindustrie. Niet alleen de direct betrokkenen – China en de V.S. – ondervinden dit, maar ook andere regio’s. Onzekerheid over de afloop van het conflict zorgt voor vertrouwensverlies bij ondernemers en consumenten, die investeringen en aankopen uitstellen.

In Duitsland, dat telkens nieuwe naschokken van het dieselschandaal krijgt te verduren, blijven de sentimentsindicatoren tegenvallen. De ZEW-index daalde zelfs van -2 in mei naar -21 in juni. In Frankrijk is het sentiment opvallend beter. Merkwaardigerwijs is de Europese export in 2019 in de eerste vier maanden met 5,2% gegroeid, waarbij de uitvoer naar China zelfs dubbelcijferige groei liet zien. Wordt er nu al naar andere leveranciers uitgekeken? China weet dankzij begrotingsstimulering zijn economische groei op peil te houden.

Wereldwijd bezien zijn vooral de Oost-Europese landen goed bestand tegen het recessiegevaar. De inflatie die richting 2% zou moeten tenderen, blijft in de grote landen hardnekkig laag. Dit zou kunnen veranderen als het OPEC-kartel plus Rusland de olieprijs substantieel op een hoger niveau weten te brengen. De schalie-olieproductie in de V.S. en de zwakke mondiale vraag drukken echter de olieprijs.

 

 

De beurzen lijken gerustgesteld dat een economische recessie dank zij de centrale bankiers weer even uit zicht is. Maar natuurlijk blijven er op de achtergrond genoeg andere zaken spelen, die ineens weer alle aandacht kunnen opeisen. Ik noem het Italiaanse begrotingstekort en natuurlijk de opstelling van de nieuwe Britse regering t.o.v. Brexit. Volgens het zakenblad The Economist heeft Boris Johnson twee gezichten.

Een structureel probleem is de enorme schuldenberg in de wereld, vooral bij overheden en bij Amerikaanse bedrijven.

Strijd om de wereldmacht

Het ultieme doel van de regering-Trump is niet zozeer om het bilaterale handelstekort met China terug te brengen. Het gaat de V.S. om het kortwieken van China’s ambities op mondiaal techno-logisch gebied. Amerika wil zijn rol als belangrijkste wereldmacht niet opgeven. De aanvallen op Huawei, de parel onder de Chinese hightech, vormen hierbij het speerpunt.

Verhoging van invoertarieven is het instrument dat Washington heeft gekozen om China en andere “tegenstanders” (en niet alleen op handelsgebied!) onder druk te zetten. Maar de verwevenheid van landen in de internationale handel, de supply chain om tot een eindproduct te komen, maakt het moeilijk om China pijn te doen zonder zelf schade op te lopen. De felle protesten van 600 industriële ondernemers bij hoorzittingen in het Congres laten zien dat Trump hier wel degelijk rekening mee moet houden. Ook de Amerikaanse sojaboeren zijn slachtoffer van de handelsstrijd.

Zolang de Amerikanen meer uitgeven dan ze besparen en dan gaat het vooral op de groeiende budgettekorten, zal er een tekort op de lopende rekening van de betalingsbalans verschijnen. Ook als er geen tekort met China meer is, dan zullen tekorten per definitie wel op een andere plaats opduiken .*

Op de G20 top van Osaka kondigden Trump en Xi Jinping een wapenstilstand aan om verder te onderhandelen. Dit is goed nieuws op korte termijn, maar het lijkt onwaarschijnlijk dat XI Jinping tegemoet zal komen aan de eisen die knagen aan de existentie van het systeem van China.

Ondertussen bestaat het gevaar dat Trump zijn pijlen op anderen gaat richten, bijvoorbeeld de auto-industrieën in Japan en Europa.

Ongekend eerste halfjaar

Het koersherstel van het eerste kwartaal zette zich in de V.S. het tweede kwartaal voort. De toonaangevende S&P 500 vertoonde zelfs het beste resultaat sinds een generatie: +17%. De index naderde het all-time high.

Het vooruitzicht dat de rente door de Fed niet verhoogd zou worden, werkte ook in het tweede kwartaal door. Maar nu begon de gedachte post te vatten dat er zelfs drie renteverlagingen te verwachten waren, waarvan de eerste al in juli zal komen.

De positieve cashflow werd wederom gebruikt door de ondernemingen om aandelen in te kopen en overnames te doen en veel minder om te investeren Om deze redenen zullen de publicatiecijfers van de winst per aandeel over het tweede kwartaal die binnenkort binnenstromen, kunnen meevallen. De consensusverwachting voor de S&P 500-bedrijven is -2,6%. De koerswinstverhouding is 16,6, boven het vijfjaars gemiddelde.

Ook de Europese beurzen herstelden verder in het tweede kwartaal. Net als in de V.S. bleek de terugval in mei slechts de opmaat naar een sterke stijging in juni. De chipsindustrie (ASML) profiteerde van betere berichten op dit gebied vanuit Amerika. Micron Technologies dat veel chips levert aan China, moest minder dan verwacht omzet inleveren. Intel en Micron blijken ook gewoon te blijven leveren aan Huawei. Op het eind van het kwartaal moesten de defensieve sectoren, die het goed gedaan hadden, weer wat inleveren t.o.v. de conjunctuurgevoelige sectoren.

Omdat het sentiment op de markten zo snel verandert, blijven wij een goede spreiding over sectoren zeer belangrijk vinden. Aandelen bieden nog steeds de grootste kans op rendement; wij houden voor het aandelengedeelte in de portefeuille een neutrale weging aan.

Vastrentende beleggingen en wisselkoersen

Zoals gezegd heeft de vertragende conjunctuur de lange rentes omlaag gejaagd. Wereldwijd kennen nu al € 13.000 miljard aan staatsobligaties een negatief rendement. Niet alleen de tienjarige Duitse (-0,32%) en de Nederlandse (-0,16%) staatslening kennen een negatief rendement, dit geldt binnen de eurozone ook voor Frankrijk (-0,01%), Finland (-0,03%), Oostenrijk (-0,04%) en België (-0,03%). Hier wordt duidelijk geanticipeerd op een nieuw obligatie-opkoopprogramma van de ECB. Buiten de eurozone zijn de tienjaarsrentes negatief in Denemarken, Zwitserland en Japan.

Dit is heel prettig voor de bezitters van die leningen – de koerswinst op die obligaties is het spiegelbeeld van de rentestand – maar minder prettig voor degenen die nu veilig willen gaan beleggen. De te verwachten rendementen zijn heel laag of negatief.
Spaarders zouden ook wel eens voor het blok kunnen komen te staan. Op dit moment betalen banken 0,4% aan de ECB voor de “excessieve” reserves die ze bij de Centrale Bank stallen. Maar als Mario Draghi die “strafrente” naar 0,6% verhoogt, zouden de commerciële banken aan hun spaarders ook wel eens een vergoeding voor het stallen van geld kunnen vragen (nu is 0% vergoeding de norm).

Beleggers kunnen nog uitwijken naar de V.S. (2,0%) en het Verenigd Koninkrijk (0,82%), maar dan lopen ze gevaar in te leveren op de wisselkoers.
De race to the bottom op rentegebied heeft misschien niet veel zin om de economie te stimuleren, het draagt er wel toe bij om de eigen munt niet te sterk te laten worden.

Voor het Engelse pond wordt 31 oktober beslissend. Als de nieuwe Engelse premier voor een no-deal Brexit gaat, kan het pond een vrije val maken. Huidige koers: € 1,126. Vóór het referendum in 2016 noteerde het pond € 1,30. Laagste punt in de afgelopen drie jaar: € 1,09.

Tot ongenoegen van president Trump verzwakte de euro tegenover de dollar in 2019 en de eurozone versterkte daarmee haar concurrentiepositie. Door de uitspraken op rentegebied in de afgelopen maand zijn de kansen weer gekeerd en is de dollar wat verzwakt.. Een voorspelling durven wij niet te geven; de financiële markten zullen op basis van de bekend gemaakte macro-cijfers gaan raden welke centrale bank het eerste in beweging komt.

Conclusie

De koptekening van deze maand drukt onze verwachtingen goed uit: u kunt rustig op vakantie gaan, de vogels van de centrale banken houden de wacht. Maar ja, aan de horizon drijven wel wat wolkjes en er is ook een gat in het zand gegraven.

Wilt u een toelichting, dan maken wij graag een afspraak met u.

Met vriendelijke groet,

Castanje Vermogensbeheer

 


* In termen van het standaard leerboek macroeconomie: (I – S) + (O – B) = (X – M)

Slowbalisation

De forse dalingen van de beurskoersen op het einde van 2018 én de slechtere economische indicatoren hadden een opvallend gevolg: de centrale bankiers sloegen in hun meningen als een blad aan de boom om.

Begin januari verklaarde een geschrokken Jerome Powell van de FED dat er in 2019 geen renteverhogingen meer zouden komen. En in Europa gaf Mario Draghi van de ECB iets vergelijkbaars aan: de eerste renteverhoging in de eurozone hoeft niet voor december 2020 te worden verwacht.

Het uitzicht op een strakker monetair beleid waar de financiële markten zich al meer dan een jaar op instelden, ging abrupt van tafel. Dit had consequenties voor de obligatiekoersen en de aandelen:

– De kapitaalmarktrentes (het spiegelbeeld van de obligatiekoersen) begonnen in januari te dalen. In Duitsland daalde de rente op 10-jarige overheidsleningen onder de 0%, iets wat we het laatst in 2016 hebben gezien. Ook in de V.S. daalden de kapitaalmarkttarieven veel sneller dan de economische data aangaven. Blijkbaar voorzagen de monetaire autoriteiten meer slecht nieuws dan ze wilden delen met het publiek, zo was de interpretatie van de financiële markten;

– Nu de dreiging van een hogere rente wegviel, begonnen de aandelen bijna wereldwijd aan een indrukwekkende opmars. Zo steeg de MSCI Euro tot ultimo maart maar liefst met 12,8%.

Dit alles gebeurt in een wereld die structureel steeds trager lijkt te groeien. Verderop gaan wij hierop in.

 

Terug af bij lage rentes

Bij een gezonde economische ontwikkeling hoort een lange rente die iets boven de inflatie ligt. Amerika naderde dit punt, Europa liep nog ver achter. Bij een inflatiecijfer van 1,5% in de VS en 1,4% in de eurozone gaat de rente inmiddels de andere kant op.De standaard interpretatie van economen is dat zo’n dalende rente de voorbode is van een recessie. In Amerika wordt daarbij ook nog gewezen op de zgn. omgekeerde rentecurve. In het algemeen ligt de rente op leningen met een langere looptijd hoger dan van die met een kortere looptijd: Als je je geld langer uitleent, zou je daar immers een hogere beloning voor moeten ontvangen. Maar nu zijn er tussen de verschillende looptijden bijna geen rendementsverschillen. Hier zit ook de gedachte in verwerkt dat de Fed de rente in de toekomst eerder gaat verlagen dan verhogen. Zo’n inverse yield curve leidt binnen 12 maanden tot een negatieve economische groei, zo wordt beweerd. In de praktijk klopt dit niet altijd.
Verderop gaan we in op de economische groeisituatie in de V.S. en de rest van de wereld.

 

Opnieuw TINA

In deze kwartaalbrieven is het vaker ter sprake gekomen: als er met (spaar)rentes niets te verdienen valt, dan gaat de belegger op zoek naar risicodragende alternatieven zoals aandelen (There Is No Alternative).
Vanuit de relatief lage koersniveaus begin dit jaar konden de aandelenkoersen zich dus flink herstellen, ook dankzij de, gemiddeld genomen, voortgezette gezonde winstgroei van de beurs-ondernemingen. De record koers/winst-verhoudingen van na de zomer van 2018 zijn echter nog niet geëvenaard.

Relatief steeds aantrekkelijker worden beleggingen in opkomende markten. De economische groei is daar weer hoger, de inflatie daalt relatief ten opzichte van de industrielanden, de valuta staan laag en door de koerscorrectie van 2018 is de koers/winst-verhouding met 30% gedaald. En wellicht het allerbelangrijkste is dat er geen angst meer is voor renteverhogingen in de V.S. China krijgt ook steeds meer de door haar begeerde plaats in de wereldwijde indices, niet alleen voor aandelen maar ook voor obligaties. Ook India kruipt heel langzaam naar de positie waar het gezien de omvang van het land hoort te staan. Over een week beginnen de uitgebreide verkiezingen in het land, waarbij premier Modi zijn hervormingsbeleid verdedigt. De recente stijging van de Sensex-index weerspiegelt het vertrouwen van de Indiase belegger in een goede afloop.
Individuele tegenvallers blijven er ook, bijvoorbeeld Turkije dat te maken heeft met het slechte populistisch-economische beleid van president Erdogan en Zuid Afrika dat lijdt onder stroom-tekorten.

 

Slowbalisation

Glowbalisation of globalisering, dat is de grensoverschrijdende stroom van investeringen, handel en bankleningen, verder de wereldwijde supply chains. Deze kende een Gouden Periode in 1990 – 2010, maar lijkt inmiddels over het hoogtepunt heen. Het Britse zakenblad The Economist concludeert dat wij een lange periode tegemoet gaan van lagere economische groei en een situatie waarin de economische betrekkingen zich meer en meer op de eigen regio zullen concentreren.

Maar binnen deze structurele ontwikkeling kunnen natuurlijk goede en slechte jaren elkaar afwisselen. Na het economisch voorspoedige jaar 2018 voor de industrielanden zal dit jaar de groei behoorlijk terugvallen, maar nog wel positief zijn. De enorme impuls die de regering Trump met haar begrotingsmaatregelen heeft gegeven, raakt uitgewerkt en heeft veel minder positieve lange termijn effecten dan gehoopt. De belastingvoordelen zijn door de Amerikaanse ondernemingen nauwelijks gebruikt voor investeringen, maar voor aandeleninkoop, dividendbetalingen en overnames. Het beleid heeft het werkloosheidspercentage teruggebracht tot 3,8% en sinds lange tijd was de reële loongroei weer positief. Maar de huizensector doet het minder en ook de belangrijke autosector kent grote problemen.
Tegelijk loopt het begrotingstekort van de Verenigde Staten weer op tot 4,3% van het BBP en bedraagt de overheidsschuld inmiddels al $ 22 115 526 000 000 ($ 22.115 mrd) of wel 105% van het BBP. “Echte” bezuinigingsmaatregelen zijn in de toekomst onvermijdelijk.

Europa profiteerde aanvankelijk mee van de Amerikaanse uitgavendrang, maar in de tweede helft van het jaar speelde een ander probleem op: het handelsconflict tussen China en de V.S. Hogere invoertarieven zorgden ervoor dat de wereldhandel daalde. Met name Duitsland werd hierdoor geraakt en tikte bijna twee opeenvolgende kwartalen van negatieve groei aan (-0,2% en 0%). Italië kent volgens die definitie al een recessie.

De economische cijfers over de drie eerste maanden van 2019 bevestigen het beeld van voortgaande groei op een laag niveau. De hoop is dat in de tweede jaarhelft de economische activiteit weer aantrekt. China zou daarbij de kar moeten trekken, maar de stimuleringsmaatregelen die Peking heeft genomen zijn selectief en zeker niet zo grootschalig als in 2008.

Wat zeker zal helpen is als de Chinees-Amerikaanse onderhandelingen over handel, intellectueel eigendom, enz. tot een positief resultaat leiden … én lagere tarieven. Maar als daarna Europa door Trump in de houdgreep wordt genomen dan is er nog niet veel gewonnen.
Ook blijven wij hopen op een gunstige Brexit-uitkomst, dat wil zeggen in elk geval geen no-deal Brexit.

Tabel: groei van BBP in drie regio’s

Asset allocatie beleid

Het is begrijpelijk dat beleggers na zulke snelle koersstijgingen in korte tijd hoogtevrees krijgen en zich afvragen of het aandelenbezit niet verkocht zou moeten worden. Hiervoor hebben wij aangegeven dat de lage rente – net als in het verleden – risicodragende beleggingen zeer bevordert. Economisch zijn er beren op de weg, serieuze beren, maar het is niet aan te geven op welk moment dit echte invloed gaat hebben op de koersen. “Markets climb a wall of worry”, wordt wel gezegd.

Wij blijven in ons beleid vasthouden aan een neutrale weging voor aandelen, dus ongeveer in het midden van de afgesproken bandbreedte. Als de koersen te veel stijgen, dan brengen wij het aandelenbezit door verkopen weer terug richting de neutrale positie.

Op vastrentend gebied blijft het voor de belegger die inkomsten zoekt kommer en kwel. ECB-topman Draghi die tot oktober in functie blijft zal de eerste centrale bank-directeur zijn die nooit de rente heeft verhoogd. Maar niet alleen de korte rente ook de kapitaalmarktrente zal voorlopig laag blijven.

Een van de gevolgen hiervan is dat de US-dollar naar onze verwachting in elk geval dit jaar niet zal verzwakken ten opzichte van de euro.

Wilt u een toelichting, dan maken wij graag een afspraak met u.

Met vriendelijke groet,

Castanje Vermogensbeheer

 

2019: de V.S. zijn weer leidend

In het laatste kwartaal van 2018 kwam wereldwijd een omslag op de beurzen die de koersresultaten van de eerdere kwartalen teniet deed. Onder aanvoering van een aantal (te) dure techaandelen werden ook andere aandelensectoren mee omlaag gevoerd.

De oorzaak lag en ligt in de neerwaartse bijstellingen voor de economische groei in alle regio’s in 2019 en de vrees dat dit zelfs in een recessie kan uitmonden. Tegelijkertijd lijken de monetaire beleidsmakers gewoon voort te gaan op de weg van monetaire verkrapping, dat wil zeggen verhoging van de (korte) rente – de Fed – en verminderen van de liquiditeiten in de markten.

Voordat we ingaan op deze macro economische aspecten eerst nog even terug naar de aandelen. Zijn deze na de correctie van eind 2018 nu goedkoop en dus koopwaardig geworden?

Bear Market

Grafiek: Euro Stoxx 50 (Bron: VWD)

Een beer is het symbool van dalende koersen, een stier van stijgende. Er wordt wel gesproken van een bear market als koersen vanaf een recente top met 20% of meer dalen. Voor de Amerikaanse NASDAQ en de S&P 500 werd dat punt eind december bereikt als gerekend werd vanaf een top eind augustus.

Ook Europa en Japan ontkwamen niet aan de beursmalaise. Over het hele jaar genomen deed de Duitse DAX-index – een herbeleggingsindex – het met een daling van 18,3% het slechtste. De auto-aandelen, de bankaandelen (een halvering van Deutsche Bank) en incidentele tegenvallers, bijvoorbeeld bij Bayer, waren hier debet aan.

De opkomende markten deden het in 2018 al slecht, maar in het laatste kwartaal kregen vooral de Chinese beurzen te maken met de gevolgen van de handelsoorlog.

Goedkoop

Als de winstgroei van beursondernemingen sterk positief is en de koersen dalen, betekent dat dat aandelen goedkoper worden, ofwel de koers-winstverhouding daalt. Waar staan wij nu? Allereerst de V.S. Door de verlaging van de vennootschapsbelasting en de hoge economische groei steeg de winst per aandeel vorig jaar naar schatting met zo’n 23%. De koerswinst-verhouding is daardoor gedaald van bijna 20 naar 14,2 , zelfs tot onder het langjarig gemiddelde van 14,6.

In Europa groeiden de winsten per aandeel voor beursgenoteerde bedrijven minder snel in 2018, met ca. 7,5%. De K/W-ratio daalde naar schatting van ca. 16,5 naar 13.

Overigens zijn er soms grote verschillen binnen dezelfde sectoren. Zo betaal je in de auto-industrie 5x de (toekomstige) winst voor een aandeel Volkswagen en 29x voor een aandeel Ferrari (8x is het sectorgemiddelde).

Wil dit nu zeggen dat aandelen “goedkoop” geworden zijn (voor opkomende markten geldt een vergelijkbaar patroon)? Daar kunnen wij alleen iets over zeggen als wij weten hoe de winsten zich in 2019 gaan ontwikkelen en dus hoe de mondiale economieën het gaan doen.

Soft landing

Onzekerheid over het verdere verloop van de conjunctuur en daarmee over het rentebeleid van de Fed zorgde voor onrust op de financiële markten in Amerika. Het tweede kwartaal van 2018 was met een geannualiseerde groei van 4,2% “top”, maar de algemene mening was dat de groei van het BBP vanaf dat punt zou afvlakken. De 3% van het derde kwartaal was in lijn met deze gedachtegang – een stabiele groei – , maar langzamerhand werden de maandelijkse indicatoren zwakker. In december verhoogde Jerome Powell van de Amerikaanse Centrale Bank de beleidsrente volgens verwachting met 0,25%. Wat de markten op dat moment tegenviel was de uitspraak dat er in 2019 nog twee verhogingen te verwachten waren.

De koersen op Wall Street doken daarop naar beneden en de Fed-directeuren haastten zich om de boel te sussen: zij verklaarden vooral beleid te voeren op basis van de economische data. Begin januari gaf dat weer enige opluchting, zeker omdat er heel mooie werkgelegenheidscijfers werden bekend gemaakt. Echter cijfers over banengroei, werkloosheid, enz. lopen altijd wat achter de conjunctuur aan en zijn minder bruikbaar als indicator voor toekomstige ontwikkelingen. De V.S. doen het economisch wat kalmer aan. De rentegevoelige sectoren als de huizenmarkt, maar ook de autoverkopen zijn door de verhogingen in de afgelopen twee jaar al flink afgezwakt.

De Fed stimuleert de economie niet meer. De federale overheid doet dat in het nieuwe begrotings-jaar – van oktober tot september – nog wel. Maar de effecten zullen in de loop van de eerste helft van 2019 wegebben. Ook van de Amerikaanse ondernemingen is geen extra impuls te verwachten: zij hebben hun belastingvoordelen niet gebruikt om grootschalig te investeren; er zijn vooral eigen aandelen ingekocht of er zijn bedrijven overgenomen. De consument heeft er nog wel zin in.

Een en ander betekent dat de Amerikaanse economie geleidelijk terugzakt naar een groeitempo van onder de 2% in 2020, maar niet in een recessie terechtkomt (negatieve groei): een zachte landing dus. De groei van de winst per aandeel zal dan van meer dan 20% terugzakken naar 5 à 7%. Op basis van deze toekomstige winstschatting lijken de goedkope aandelen iets minder goedkoop. Tegenvallers kunnen het beeld verstoren.

Europa

“When the US sneezes, the world catches a cold”. Dat geldt ook voor Europa, maar met vertraging.

De ECB is per 1 januari opgehouden overheidsobligaties op te kopen – en zo haar eigen balans te verlengen – maar vervallende leningen zullen nog wel een lange tijd worden geherinvesteerd. Net als in de V.S. zal de BBP-groei in Europa afzwakken. De Duitse IFO indicator beweegt zich zelfs richting recessiegebied, maar andere data – bijvoorbeeld winkelverkopen – doen het wel goed. De eerste renteverhoging door de ECB lijkt inmiddels verder weggeschoven richting 2020.

Verschillende fondshuizen en banken -bijvoorbeeld J.P. Morgan – zien in Europa nog wel een versnelling van de winst per aandeel tot de mogelijkheden behoren, van 7,5% naar 10%. Dit betekent dat de aandelenbeurzen dit jaar in Europa meer koerspotentieel hebben.

Risico’s

Tot nu toe hebben wij de woorden handelsoorlog, Brexit, Trump, gele hesjes, schuldenbubbel, enz. vermeden (“Italië” lijkt als buzzword even uit zicht verdwenen). Deze factoren dragen in zich om het gematigd optimistische beeld te verstoren en een recessie dichterbij te brengen.

Grafiek: GBP/EUR

Brexit. Op het moment van schrijven van deze nieuwsbrief komt de stemming in het Britse parlement over het plan van P.M. May nabij en weet nog steeds niemand waar hij of zij aan toe is. De optie van een onordelijke no-deal Brexit zal grote economische schade aan het V.K. toebrengen en het pond zal dalen. Dit laatste kan er overigens voor zorgen dat de gevolgen voor de Londense beurs beperkt kunnen zijn.

Trump vs Xi Jinping. Tijdens de pauze van drie maanden gedurende welke geen nieuwe invoertarief-maatregelen worden genomen, praten de V.S. en China over handel en handelstekorten en nog meer zaken. Beide landen hebben veel te verliezen en ook de wereldhandel in het algemeen. Maar op dit moment zijn de negatieve gevolgen van de acties van vorig jaar al het duidelijkst merkbaar in China. Beijing heeft inmiddels al twee keer maatregelen genomen op monetair gebied om de Chinese economie op te poetsen.

Een economische groei onder de 6% denkt Xi zich niet te kunnen veroorloven.Ook Amerika lijdt al pijn (Apple!), maar China heeft het meest te verliezen. Het lijkt ons waarschijnlijk dat het wel tot een overeenkomst komt op handelsgebied, waarbij China het meeste water bij de wijn moet doen. Of er ook een deal komt op terreinen als intellectual property, China’s Road to 2025, enz. is maar de vraag.

Idiosyncratische onzekerheid

Voor het gemiddelde opkomende marktland buiten China geldt dat de economische basis redelijk goed is, de inflatie laag en de wisselkoers niet overgewaardeerd (= ondergewaardeerd). Maar … er is sprake van idiosyncratische onzekerheid, dit is een mooie nieuwe term die plots is opgekomen om te zeggen dat landen uniek zijn en hun eigen, bijzondere problemen hebben. Zo vallen Turkije en Argentinië op door hun zeer hoge inflatie en externe tekorten.

Foto: verkiezingsposter van Modi

Nu China in “strijd” is met de V.S. , begint India steeds meer op te vallen als economisch groeiland. De Indiase economie groeit met 7,5% per jaar en als premier Modi met zijn Bharatiya Janata Party dit voorjaar de verkiezingen wint, dan kan ook het economische hervormingsproces worden voortgezet. Maar waar het buitenland vaak heel enthousiast is over de maatregelen van Modi, blijven de Indiërs zelf meer verdeeld. Het afgelopen jaar moest de beursindex van India 10,7% inleveren.
Voor de meeste opkomende aandelenmarkten geldt dat zij zeer aantrekkelijk geprijsd zijn. Wel blijft de zwarte wolk van de handelsoorlog boven de markten hangen en verdere stijgingen van de dollar-rente blijven een gevaarlijke bedreiging.

Energie: een nieuwe game changer?

In het vierde kwartaal was er weer een bijeenkomst van de OPEC+ met als doel om het aanbod van ruwe olie te beperken. De prijs van een vat olie begon vanaf 3 oktober in hoog tempo te dalen – Brent € 86,10 – tot uiteindelijk $ 52,88 op 27 december, onder meer omdat de Amerikaanse handelsrestricties op Iran bleken mee te vallen.

De aangekondigde productiebeperking van 1,2 mln vaten per dag vanaf 1 januari vermocht de markten niet te imponeren: het aanbod van schaalolie uit de V.S. neemt razendsnel toe en vangt de beperking van de OPEC+ makkelijk op. De V.S. produceren nu meer dan Saoedi-Arabië en Rusland.

Hier staat echter tegenover dat de wereldwijde vraag naar olie en gas blijft groeien. Ondanks de klimaatdoelstellingen t.a.v. fossiele brandstoffen neemt de mondiale vraag naar olie van 100 mln v/d in 2019 met 1,3 mln v/d toe, iets meer of iets minder afhankelijke van de conjunctuur. In dit spel blijft Koninklijke Olie een belangrijke rol spelen.

De wereldverhoudingen kunnen op hun kop worden gezet door de recente ontdekking van een enorm olie- en gasveld in het West Texas Permian Bassin door de US Geological Survey. Met meer dan 46 mrd vaten olie en 281.000 mrd ft3 gas kunnen de Verenigde Staten niet alleen volledig onafhankelijk worden, maar ook dominant op de wereldenergiemarkten. “Het einde van de OPEC” zien sommigen al in zicht. Een echte game changer dus, maar voordat deze vondst daadwerkelijk op de markt komt, gaat er wel een aantal jaren voorbij.

Lange rente

Grafiek: rendement op 10-jaars overheidspapier in de VS en Duitsland

Na de zomer vatte de algemene mening post dat de tijd van lage rente voorbij was. In Amerika steeg het rendement op 10-jaars overheidspapier tot 3,25% en in Nederland tot 0,7% in oktober. Maar het sentiment sloeg snel om naarmate in het vierde kwartaal mindere cijfers binnenkwamen. De 10-jaars rente in Nederland halveerde en in de V.S. ging het niveau terug tot 2,65%. De kapitaalmarktrente is dus weer terug bij af.

Voorlopig lijkt er niet meer in te zitten dan een heel langzame stijging van de rente. Ontwikkelingen in de handelsoorlog kunnen echter in op- of neer-waartse richting sterk doorwerken. Op wisselkoersgebied denken wij dat de euro in 2019 wat terrein kan winnen op de dollar.

Conclusie

De aandelenkoersen zijn tot lage niveaus gedaald en er zijn zeker “koopjes” te halen. Onzekerheid over de conjunctuur en externe risico’s zoals de handelsoorlog, nopen echter tot terughoudendheid om hier volop van te profiteren.

De belegger in de vastrentende sector zal met een kaarsje naar rendementen moeten blijven zoeken in 2019.

Wilt u een toelichting, dan maken wij graag een afspraak met u.

Met vriendelijke groet,

Castanje Vermogensbeheer

 

 

Nog een mooi kwartaal, maar …

De conjunctuur in de Verenigde Staten bereikte in het derde kwartaal van dit jaar haar hoogtepunt. De stimulerende begroting van de regering Trump en de belastingcadeautjes voor het bedrijfsleven compenseerden meer dan voldoende het einde van het ruime monetaire beleid van de Federal Reserve. De arbeidslonen beginnen voor het eerst met serieuze percentages te stijgen. Maar omdat de inflatie eveneens richting de 3% koerst, komt er van een reële toename van de koopkracht voor de burgers nog niet veel terecht. Niettemin lijkt ondanks de tegenwind in de vorm van een escalerende handelsoorlog met China, hogere olieprijzen, binnen- en buitenlandse tegenstand, ook het laatste kwartaal van 2018 in Amerika weer voorspoedig te verlopen. Het werkloosheidspercentage over september bedroeg slechts 3,6%.

In Europa is de groei nog ruim voldoende. Maar waar Europa het in 2017 beter deed dan de V.S., daar blijft ons continent dit jaar wat achter. De Noordwest-Europese landen doen het relatief het best. Duitsland en zeker ook Nederland kennen zo langzamerhand zelfs een overspannen arbeidsmarkt. In sommige sectoren, zoals de bouw en techniek, zijn al niet meer voldoende geschikte arbeidskrachten te vinden om het aangeboden werk uit te voeren. Wie zijn huis grondig wil laten verbouwen moet in sommige regio’s wel een jaar wachten voordat de aannemer tijd heeft.
Toch vertraagt de groei onder invloed van de zwakkere wereldhandel. Ondernemers zijn wat minder optimistisch – zoals blijkt uit de Duitse Ifo-conjunctuurbarometer – en zij vrezen ook een harde Brexit.

De Chinese Volksrepubliek deed het in economisch opzicht ook wat kalmer aan, o.a. door de handelsperikelen met de V.S. Echter de Chinese overheid is nog steeds in staat aan zoveel knoppen te draaien, dat de groeivertraging gering zal zijn.

* raming Castanje

… de rente in de V.S. gaat nu echt stijgen, met gevolgen

De nieuwe Fed-baas Jerome Powell heeft zich vol vertrouwen uitgesproken over de economische sterkte van Amerika en de continuering daarvan. De financiële markten hebben dit zo geïnterpreteerd dat de verhoging van de fed funds rate met 0,25% in september gevolgd zal worden door een verhoging in december en twee verhogingen in de eerste helft van 2019. De beleidsrente (korte rente) komt dan in juni 2019 op 2,75-3,00%.

Deze mening heeft ook doorgewerkt in de lange rente: de rente op 10-jarige staatsobligaties heeft zich voor het eerst sinds 2011 boven de 3% gehandhaafd. De tijd van de onbeperkte kredietgroei voor het bedrijfsleven is voorbij, aflopende schulden zullen tegen een hoger rentepercentage moeten worden geherfinancierd. De Amerikaanse huizenmarkt ondervindt al de effecten van de stijgende rente en ligt er zwak bij.

Europa moest wat inleveren na de sterke groei van 2017, maar de economische activiteit bleef ruim in de plus. De lichte terugval van de wereldhandel was hier debet aan. Japan zet het stimuleringsbeleid onverminderd voort, maar toch zakt de groei wat weg. Van de overige grote landen blijven China en India onverminderd goed presteren met groeicijfers rond en boven de 7%.

In de eurozone zal de ECB naar verwachting eind dit jaar stoppen met het opkopen van obligaties op de markt. Maar een verhoging van de beleidsrente – nu nog 0,4% negatief – wordt niet voor juni 2019 verwacht. Niettemin trekt de Amerikaanse lange rente de Europeese rente ook langzaam mee omhoog. Het beeld wordt echter verstoord door de onrust rond de begroting van Italië.

Volgens de Europese Commissie moet Rome het tekort en de schuldpositie terugdringen; de Vijfsterrenbeweging, als één van de partners in de coalitieregering, wil nu haar beloftes uit het verkiezingsprogramma waarmaken.

Het vooruitzicht van een “oncontroleerbaar tekort” drukt de rente in Italië omhoog, waarbij dan juist Duitsland weer als veilige haven wordt gezien waar de rente dan daalt. Het verschil tussen de Italiaanse en Duitse 10-jaars rente – 1,62% op 1 januari en 2,84% op 7 oktober – is dus weer indicator van het oplopen van de spanningen in de eurozone.
Naar onze verwachting zal de Italiaanse regering uiteindelijk voldoende water bij de wijn doen om de boel niet uit de hand te laten lopen en met een acceptabel plan naar Brussel komen. Evengoed blijft Italië een risico.

Brexit: erop of eronder

In onze vorige nieuwbrieven fungeerde het Britse uittreden uit de EU als één van de vele donkere wolken boven de financiële markten. Maar inmiddels is het Uur U zeer dichtbij gekomen zonder dat al duidelijk is welke kan het opgaat. De PM Theresa May heeft een zacht uittredingsplan, “Chequers” genaamd, gelanceerd, dat wordt verworpen door een deel van haar Conservatieve Partij en ook bij de Europese leiders de handen niet op elkaar kreeg. Vooral de Noord-Ierse grensproblematiek blijft schier onoplosbaar.

Maar een andere mogelijkheid, een Brexit zonder overeenkomst, zou desastreus zijn. De handel van en naar het V.K. zou terugvallen op de regels van de Wereld Handels Organisatie hetgeen invoering van tarieven zou betekenen en geen douane-arrangementen. Behalve het V.K. zouden ook de Europese landen zelf zwaar worden getroffen, waaronder niet in de laatste plaats Nederland.

Grafiek: aantal ponden in euros

Een derde scenario is waarbij het V.K. na een nieuw referendum in de EU blijft. Deze mogelijkheid komt naderbij als na een aftreden van May nieuwe verkiezingen worden uitgeschreven en Labour aan de macht komt. Voor de Brexiteers binnen de Conservatives is dit laatste zeer ongewenst en daarom lijkt een “zachte Brexit” nog steeds het meest waarschijnlijk. Niettemin is de kans op een “no deal” toegenomen. De Engelse economie suddert op een steeds lager pitje verder en ziet internationale bedrijven vertrekken.
Het Engels pond kreeg na het referendum in 2016 een harde klap. Daarna bleef koers ten opzicht van de euro relatief stabiel. Slecht Brexit-nieuws kan daarin opnieuw verandering brengen.

Amerikaanse tussentijdse verkiezingen

Na zo’n lange periode van economische voorspoed, zullen de Verenigde Staten toch ook weer eens met een terugval/recessie te maken krijgen, bijvoorbeeld in de 2e helft van 2019 wanneer de begrotingsstimuli zijn uitgewerkt. Het moment waarop dat gebeurt hangt mede af van de verkiezingen van 6 november voor alle 435 zetels in het Huis en voor 33 zetels in de Senaat. Behouden de Republikeinen zoals nu Huis én Senaat, dan kan de regering Trump de overheidsuitgaven opnieuw opvoeren ten behoeve van zijn eigen herverkiezing. De economische terugval kan dan worden uitgesteld. Als de Democraten de meerderheid in het Huis veroveren (of Huis én Senaat) dan wordt het verhaal voor Trump heel wat moeilijker.

Aandelenbeurzen afwachtend in 2018

Ook voor de handelsstrijd tussen Washington en Beijing zijn meerdere scenario’s te maken. Maar een pijnloze deal zoals de Amerikanen met Mexico en Canada sloten, ligt niet voor de hand.
De Chinese aandelenbeurzen hebben het meest te lijden gehad (-15% dit jaar). Inmiddels zijn veel Chinese ondernemingen “spotgoedkoop” te noemen. De aandelenindices van andere opkomende markten moesten ook fors inleveren. De MSCI Index voor Emerging Markets is in 2018 met 10% gedaald, waar over heel 2017 nog een plus van 17,9% werd genoteerd.

Opkomende markten waar de burgers, bedrijven en/of de overheid veel in buitenlandse valuta (dollars) hebben geleend, zien zich geconfronteerd met een snel stijgende rente en aflossings-verplichtingen. Als de eigen inkomsten in de lokale valuta luiden dan worden de debiteuren extra getroffen doordat de eigen munt zwaar onderuit gaat.

Het bekendste voorbeeld is Turkije dat een inflatie heeft van 18% en een tekort op de lopende rekening van 6,5% van het BBP. De weigering van president Erdogan om de rente (in eerste instantie) te verhogen heeft ervoor gezorgd dat de Turkse lira dit jaar al 41% ten opzichte van de euro in waarde is gedaald. Weliswaar is de buitenlandse schuld van de overheid relatief klein, maar de particuliere sector begint de pijn nu duidelijk te voelen.

Argentinië is een specifiek geval. Het land is binnen de kortste keren blootgesteld aan de ongure winden van de financiële markten en het moet inmiddels steun aanvragen bij het IMF. De Argentijnse peso verloor dit jaar al 51%. Ook de valuta van landen met “een smetje” als Zuid Afrika, Brazilië en Indonesië zijn onder druk gekomen. Ten slotte is door de hogere olieprijzen ook India getroffen en de roepie (rupee) gedaald. Niettemin staan over de hele linie genomen de opkomende economieën er beter voor dan vóór de laatste crisis.

De Europese aandelen zijn per saldo in 2018 op hun plaats gebleven, net als de AEX-index. Alleen de Amerikaanse S&P 500 vertoonde een forse stijging van +11%. De Europese belegger kon daar nog 4% dollarstijging aan toevoegen. Toch wordt deze stijging niet breed gedragen: als de tien beste performers buiten beschouwing worden gelaten, dan is de stijging nog maar 5,7%. Anders gezegd, 2% van de ondernemingen in de S&P nemen de helft van de koerswinst voor hun rekening. Vooral de internetaandelen die tot deze top behoren hebben al torenhoge waarderingen en zijn daarmee kwetsbaar voor tegenvallers.

De belastingvoordelen waar Amerikaanse ondernemingen van profiteren werken nog wel even door. Maar zoals geconstateerd betekent dit niet dat aandelenkoersen automatisch stijgen.
De beurzen in Europa krijgen in toenemende mate te maken met het einde van de stimulering door de ECB. Alleen de export zou de winstgroei op gang kunnen houden. Er zijn op dit gebied veel onzekerheden.

Beleid: een stapje terug

Waar van de wereldeconomie kan worden gezegd growing, but slowing, denken wij dat de financiële markten nerveuzer zullen reageren op de risico’s waarvan er hierboven een aantal zijn benoemd. Aandelenbeurzen “zien” vaak zaken over een periode van 6 à 12 maanden vooruit, waarvan in de reële economie nog niets te bespeuren is. In het aandelengedeelte van onze portefeuilles hanteerden wij tot nu toe een “licht overwogen” positie. Dit wordt nu teruggebracht tot een “neutrale weging”. Hiermee reageren wij op de signalen die de koersen afgeven.

De ontwikkelingen kunnen ook aanleiding zijn om wijzigingen tussen sectoren aan te brengen. Zo worden financiële waarden aantrekkelijker als de rente blijft stijgen. Cyclische aandelen worden dan minder interessant.

Twee grote indexmakers in de wereld, MSCI en S&P, hebben een nieuwe indeling van bedrijven in sectoren gemaakt. Een nieuwe sector is bijvoorbeeld communications-services, waaronder naast de oude telecommunicatiebedrijven ook de social media giganten als Facebook vallen. In de komende periode zullen wij deze wijzigingen in onze rapportages geleidelijk doorvoeren.
Op vastrentend gebied blijft het beleid ongewijzigd. Obligaties met een korte looptijd en/of een variabele rente blijven het veiligste, nochtans weinig renderende, alternatief voor liquiditeiten.

Wilt u een toelichting, dan maken wij graag een afspraak met u.

Met vriendelijke groet,

Castanje Vermogensbeheer

 


Artikelen van Castanje vermogensbeheer

Historisch rendement eerste kwartaal 2016

spacer

Wat is mijn rendement? Het eerste antwoord op die vraag is een wedervraag: waar gaat u voor? Het resultaat dat u wilt halen, hangt mede af van het risico dat u wilt en kunt...

Abbott Laboratories

spacer

Door op 29 oktober 2015 in Blog, Ondernemingen

Week 44 - 26 t/m 30 oktober 2015           Abbott Laboratories is een duurzaam groeiaandeel dat weer in de gratie van de beleggers komt Tot...

Castanjeprijzen in “Koffie bij de Piano”

spacer

Door op 10 juni 2015 in Evenementen

Week 24 - 08 t/m 12 juni 2015   Matthias Spee/Erwin Weerstra In het Theater aan de Parade in ’s-Hertogenbosch was afgelopen zondag de finale van ‘Koffie bij de...

Castanje sponsort “Koffie bij de Piano”

spacer

Door op 25 februari 2015 in Evenementen

Week 09 - 23 t/m 27 februari 2015   Elke eerste zondag van de maand is het Feest in het Theater aan de Parade in ’s-Hertogenbosch.  ‘Koffie bij de Piano’ is...

Vooruitzichten 2014

spacer

Week 01 - 30 t/m 03 januari 2014   Stijgende kapitaalmarktrentes wereldwijd (Bron: VWD) Algemeen Het afgelopen jaar was overwegend positief voor beleggers....

Historisch rendement eerste kwartaal 2016

spacer

Wat is mijn rendement? Het eerste antwoord op die vraag is een wedervraag: waar gaat u voor? Het resultaat dat u wilt halen, hangt mede af van het risico dat u wilt en kunt...

Abbott Laboratories

spacer

Door op 29 oktober 2015 in Blog, Ondernemingen

Week 44 - 26 t/m 30 oktober 2015           Abbott Laboratories is een duurzaam groeiaandeel dat weer in de gratie van de beleggers komt Tot...

Castanjeprijzen in “Koffie bij de Piano”

spacer

Door op 10 juni 2015 in Evenementen

Week 24 - 08 t/m 12 juni 2015   Matthias Spee/Erwin Weerstra In het Theater aan de Parade in ’s-Hertogenbosch was afgelopen zondag de finale van ‘Koffie bij de...

Castanje sponsort “Koffie bij de Piano”

spacer

Door op 25 februari 2015 in Evenementen

Week 09 - 23 t/m 27 februari 2015   Elke eerste zondag van de maand is het Feest in het Theater aan de Parade in ’s-Hertogenbosch.  ‘Koffie bij de Piano’ is...