Geringe groei, beperkte inflatie en lage rentes

18 april 2016 in Blog, Macro-economie

‘We zitten in een transitiefase naar een wereld van geringe groei, beperkte inflatie en lage rentes’

Terugkijkend waren de laatste jaren voor beleggers niet slecht, vooral niet als u in staatsleningen zat. Dat is voorbij. Een belangrijk deel van de behaalde rendementen moet toegeschreven worden aan het stimulerende beleid van centrale banken. ‘Blijft voor de belegger slechts de reële component over, die bepaald wordt door de onderliggende groei.’

De structuur van de mondiale bedrijvigheid verandert. De handel als drijver van de groei verzwakt. Productie komt deels weer “naar huis” hierdoor is er sprake van deglobalisering waardoor de groei zicht terug trekt op zijn thuismarkten. De groei moet zich op de thuismarkten ontwikkelen afhankelijk van het aantal mensen dat ingezet kan worden en van productiviteitswinsten. Wereldwijd is er sprake van vergrijzing waarmee de potentiële groei beperkt is. De gemeten groei zit al jaren in een dalende trend. De kredietbubbel verbloemde echter deze trend.

Wat zijn de consequenties?

Binnenlandse economieën krijgen hulp van de lage olieprijs en lage rente. De regio’s VS, Europa en Japan draaien grotendeels op diensten en zullen zich redelijk staande houden. De wisselkoers wordt daarbij minder belangrijk. ‘Positie van je munt is cruciaal bij internationale handel; voor een economie die uit zichzelf moet groeien, geldt dat niet.’ China begrijpt dit. Zij zitten in een vergelijkbare positie als Duitsland in de jaren zeventig. Duitsland koos in die situatie voor een gezond overheidsbeleid en een harde munt.

Behalve op inflatie moet er aandacht zijn voor groei, financiële stabiliteit en werkgelegenheid. Dit betekent oog hebben voor de aanbodkant van de economie, voor financiële zeepbellen, voor het probleem dat zo weinig partijen geld willen lenen en voor de schuldenbergen.
Veel geld staat nu geparkeerd in beleggingen die niet langer of zelfs negatief renderen, in ‘veilige’ staatsleningen. Deze besparingen zouden beter richting de reële economie worden gekanaliseerd.

Alternatieve beleggingen voor staatsleningen zoals Europees vastgoed of goed geselecteerde delen van de opkomende landen zijn een interessante beleggingscategorie. Deze beleggingen zijn echter minder liquide en kennen andere risicokarakteristieken.

Deel dit berichtShare on Facebook
Facebook
0Tweet about this on Twitter
Twitter
Share on LinkedIn
Linkedin

Over de auteur

Joris Teulings
Joris Teulings is partner en mede-eigenaar van Castanje Vermogensbeheer. Joris heeft bedrijfskunde gestudeerd en is Register Beleggingsanalist. Zijn werkzame leven zit hij al “in het effecten vak”. In 1997 heeft hij een onafhankelijke vermogensbeheerder in Vught opgericht. De activiteiten hiervan zijn in 2010 ondergebracht in Castanje Vermogensbeheer. Vragen? Bel Joris op 073 - 30 30 260 of mail naar info@castanje.nl